Maptionnaire bevraagt de burger – Waardevolle inspraak

17 april 2018

Sinds enige tijd vertegenwoordigt Ruimteschepper de publieksparticipatie-tool Maptionnaire. Maarit Kahila, mede-ontwikkelaar van Maptionnaire en mede-eigenaar van Mapita, is regelmatig in Nederland. Zij vertelt gepassioneerd over de toepassingen en positionering van de ‘extra communicatielaag’ die over een GIS-achtige kaart wordt gelegd.

Door Remco Takken

Maarit Kahila begint met het benadrukken van de kern van haar verhaal: “Technologie is niet het antwoord op de problemen die je ziet rondom inspraak en samenwerken. Het is van belang dat je leert door het te doen en dat je ook de wil hebt om het goed aan te pakken. Goede burgerparticipatie is belangrijk!”

Soft GIS
Op het eerste gezicht lijkt de functionaliteit van Maptionnaire een open deur: ‘het in kaart brengen van lokale inzichten’. Het is zeker ook geen geheel nieuw concept. Sinds eind jaren negentig waart het concept rond in de Aalto Universiteit in Helsinki, Finland. Onder de noemer ‘soft GIS’ werd daar een op GIS gebaseerde methode ontwikkeld die landschappelijke waarden en ervaringen van mensen in verband bracht met de plek waar het over ging. Geprobeerd werd de gevoelens van mensen te vertalen in een ‘kaartlaag’ die bedoeld was voor opmerkingen en ‘vrije tekst’. Later kwamen daar ontwikkelingen bij die leidden tot moderne web-based enquête-toepassingen. Maarit Kahila: “Het wordt direct levendig als je mensen een open vraag kunt stellen over een bepaalde plek. Wat zou deze straat leefbaar en bruisend maken? Inzichten van burgers die meewerken aan crowd-sourced initiatieven leveren datasets op van prima kwaliteit. Bovendien is het in veel gevallen mogelijk om een gedeelde visie op te stellen.” Daarmee maak je het politiek bestuurlijke toverwoord ‘draagvlak’ bereikbaar.

Problemen bij publieksparticipatie
Het kan lastig zijn om bewonersgroepen te bereiken. Zonder dat we er grote thema’s bij halen, zoals de kloof tussen burger en politiek, zien we dat wijkbijeenkomsten, websites en speciale stands in bibliotheken niet altijd goed worden bezocht. Als je weinig harde gegevens hebt, is het ook lastig om te generaliseren. De weinige beschikbare data zijn slechts moeizaam te analyseren en het wordt naar verhouding duur en omslachtig om verder te komen. Maarit Kahila zegt: “Het is ingewikkeld. Misschien is dat ook de reden dat we heel vaak zien dat inspraak pas laat in het planproces wordt toegelaten. Het gevaar is groot dat mensen dan het gevoel krijgen dat alles al is besloten.” Maar toch, maar toch, zo stelt Kahila: “Er is wel degelijk belangstelling vanuit het publiek om mee te beslissen over zaken die direct ingrijpen in het dagelijks leven in de eigen omgeving. Bovendien moet je de ‘wisdom of the crowd’ niet onderschatten.” Zo ontstond Maptionnaire.

Maarit Kahila: “Het wordt direct levendig als je mensen een open vraag kunt stellen over een bepaalde plek. Wat zou deze straat leefbaar en bruisend maken?”

Positionering
Opvallend is dat Maptionnaire op andere momenten wordt ingezet dan de gebruikelijke inspraak-tools. Zo wordt het besluit dát er iets moet veranderen niet vaak ondersteund met data uit Maptionnaire. Maarit Kahila: “Dat klopt. En slechts vijf procent van de gebruikers vergelijkt bijvoorbeeld alternatieve ontwerpen.” Ook bij vraagstukken die te maken hebben met grootschalig onderhoud van bestaande gebieden wordt Maptionnaire nu nog relatief weinig ingezet. De kracht van Maptionnaire ligt in de inwinning en overlegfase. Kahila benadrukt: “Bijna de helft van de deelnemers wordt bevraagd aan het allereerste begin van het traject en ongeveer een vijfde van de deelnemers evalueert voorgestelde plannen.”

Toepassingen
Als het gaat om het gebruik van Maptionnaire in de praktijk, ziet Maarita Kahila een aantal duidelijke toepassingen: stedelijke vernieuwing, regionale planning en ‘transport’. “We hebben inmiddels veel ervaring opgedaan in honderden projecten over de hele wereld. Daarin waren enkele honderdduizenden deelnemers verbonden. Samen zetten zij meer dan driehonderdduizend keer een punt, lijn of polygoon op een kaart”, aldus Kahila. Naast voorstellen voor stadsuitbreiding en de inrichting van parken, laat zij ook zien hoe ook infrastructurele projecten hun voordeel kunnen doen als burgers actief meedenken. “Bij het wegontwerp van Cambridge naar Piarere (in Nieuw-Zeeland, red.) ging het over verbeteringen die nog jarenlang voelbaar zijn voor alle weggebruikers.” Aan de Aalto Universiteit wordt overigens ook geëxperimenteerd met evaluaties voor ruimtes en gebieden die zich ‘indoor’ oftewel ‘binnenshuis’ bevinden. Ook 3D-integratie staat op de roadmap. Hoe sterker de visuele integratie, hoe meer mensen ermee bereikt worden.

Maptionnaire-projecten van over de hele wereld.

Hier in Nederland
In Nederland zijn inmiddels ook enkele tientallen participatieve projecten uitgevoerd. Ruimteschepper laat fraaie voorbeelden zien. Gebruik bij city-marketing, herinrichting van de openbare ruimte, het gebruiken van ‘de kennis in de straat’ bij het plaatsen van ondergrondse afvalcontainers, tot onderzoek en aanpak van hondenpoepoverlast. Als kennisdeler en leverancier van de spreekwoordelijke ‘geo-kenners en kunners’ heeft Ruimteschepper het Maptionnaire-platform omarmt. Douwe Blanksma van Ruimteschepper daarover: “Maptionnaire faciliteert geo-communicatie. Doordat het platform totaal niet technisch overkomt en de leerdrempel laag is, slaat het direct aan bij afdelingen communicatie en vakspecifieke afdelingen zoals milieu, ruimtelijke ontwikkeling en beheer openbare ruimte. Zonder ICT-hulp kan je er direct mee aan de slag.”

Om de kwaliteit in projecten te waarborgen binnen een (UAV-gc)-contractvorm heeft AGEL adviseurs het proces met Maptionnaire verbeterd voor aannemers en opdrachtgevers. De huidige kwaliteitsborging binnen infraprojecten verliep niet efficiënt en verdiende aanbeveling voor verbetering.

Maptionnaire in gebruik
Starten met de participatie-tool betekent het ontwerpen van je vraagstelling en bouwen in de enquête-tool. Dat gebeurt ‘in de cloud’ met een ‘custom survey builder’. Dat klinkt moeilijker dan het is. Douwe Blanksma legt uit: “De gebruikers-interface is helder en zeer toegankelijk. Je bouwt je vragen en positioneert je plekken op een GoogleMaps-achtige manier. Het integreren van foto’s, visualisaties, etcetera: het is alsof je een PowerPoint maakt.” Het gebruik van het platform – Mapita spreekt consequent van ‘a service’ – vraagt geen ICT-ervaring. Wel is en blijft het belangrijk dat er goed is nagedacht over de communicatiestijl en -vorm. Die expertise is vaak aanwezig in de organisatie en daar ervaart men nu hoe makkelijk men er zelf vorm en inhoud aan kan geven. Het uitzetten van de questionnaire gaat online, via websites en/of social media. Bij publieksparticipatieprojecten is de ervaring dat publiekgedragen platforms, zoals Facebookpagina’s die bij de doelgroepen of vraagstelling horen, een geweldige boost in de response opleveren.

Een visualisatie van de reacties op de stelling ‘ik vind mijn woning te warm in de zomer’.

Response analyseren en delen
De response is direct beschikbaar, te analyseren en bovenal deelbaar. De questionnaires werken eenvoudig, of het nu telefoons, laptops, tablets of PC’s betreft, de gebruikersinterface is identiek. De ingewonnen data kunnen direct (eventueel online) worden geanalyseerd. Maarit Kahila: “Het maken van heldere analyses en de hoogwaardige visualisaties verrast vele gebruikers.” Douwe Blanksma vult aan: “Door resultaten te combineren met andere geo-datasets worden snel en betaalbaar scenario’s zichtbaar voor beleid en besluit. Als je die dan ook weer zorgvuldig terugkoppelt met je publiek, creëer je op efficiënte wijze kwalitatief betere inrichtingen en bovenal echt draagvlak.”

Maarit Kahila: “De digitalisering heeft gezorgd voor allerlei nieuwe mogelijkheden om inspraak efficiënter en vooral leuker te laten verlopen.”

Participatie en digitalisering
“De digitalisering heeft gezorgd voor allerlei nieuwe mogelijkheden om inspraak efficiënter en vooral leuker te laten verlopen”, stelt Maarit Kahila. “Denk aan de opkomst van social media, maar ook games, chatgroepen, Whatsapp-achtige toepassingen, het gebruik van video’s, blogs en elektronisch stemmen.” Voor iedere doelgroep is een toepassing meer of minder geschikt, aldus Kahila. “Een kleine groep mensen die goed weet waar het over gaat, kun je bijvoorbeeld prima met een game als Minecraft laten stoeien, of met augmented reality. Voor meer traditionele inspraak zijn workshops en openbare bijeenkomsten geschikter.” Waar staat Maptionnaire in dit plaatje? “Maptionnaire is bedoeld voor de breedste groep betrokkenen die iets kunnen bijdragen aan de inspraakrondes. De logische koppeling met social media zoals Twitter en Facebook geeft wel ongeveer aan dat wij met een ‘breed publiek’ ook echt ‘breed’ bedoelen.” In Nederland ziet Ruimteschepper grote voordelen bij de uitvoering van de doelstellingen van de Omgevingswet. De eerste vraagstukken bij het opstellen van Omgevingsvisies zijn in onderzoek, waarbij het platform bijvoorbeeld ingezet kan worden voor gerichte zienswijzeprocedures. Douwe Blanksma: “Een reuze kans voor het geo-werkveld om de enorme toegevoegde waarde van de locatie-gebonden gegevens beschikbaar en vooral bereikbaar te maken voor alle domeinen.”

De gemeente ’s-Hertogenbosch brengt hondenpoepoverlast in kaart middels Maptionnaire. ‘Druk op de bruine knop om de vragenlijst te beginnen’.

Recept voor invloedrijke inspraak
Bestuurlijk en politiek bezien is de vraag wanneer een inspraakronde succesvol is. Maarita Kahila is er duidelijk over: “Daar is een vrij eenvoudig recept voor. Om te beginnen moet het leuk zijn en het moet er goed uitzien. Echter: de organisaties moeten geen spelletjes spelen met hun bewoners en belanghebbenden. Met de verzamelde data moet écht iets worden gedaan. Van gemeenten en andere overheden wordt enige creativiteit verwacht. Men moet vooral niet bang zijn voor de publieke opinie.” Kahila wil nog zeggen dat je vooral niet moet wachten om betrokkenen bij de plannen te betrekken. Denk in de trant van een, vrij vertaalde, Finse uitdrukking: “Vooral vroege vogels worden beloond met een vette worm.”

Comments are closed.